Albert Mol
hij/hem1917 – 2004
Albert Mol was een wegbereider voor maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit door zijn zichtbaarheid als de eerste openlijk homoseksuele televisiepersoonlijkheid. Als acteur en cabaretier leefde Mol voor het podium.

= 768) $dispatch('lightbox-open', { src: 'https://walkofpride.amsterdam/wp-content/uploads/2025/10/Albert_Mol_als_vrouw_verkleed_in_TV-programma_A_star_is_born_Bestanddeelnr_925-8440.jpeg', alt: 'Albert Mol als vrouw verkleed in TV programma A star is born, Bestanddeelnr 925 8440' })" />
= 768) $dispatch('lightbox-open', { src: 'https://walkofpride.amsterdam/wp-content/uploads/2025/10/Albert_Mol_op_jeugdige_leeftijd_SFA001016381.jpeg', alt: 'Albert Mol op jeugdige leeftijd, SFA001016381' })" />Fotocredits
“Albert Mol met kat”
Jaartal: 1962
Collectie: Anefo, Nationaal Archief
Fotograaf: Harry Pot
“Albert Mol als vrouw verkleed voor TV-programma A Star is Born”
Jaartal: 1972
Collectie: Anefo, Nationaal Archief
Fotograaf: Punt
“Albert Mol op jeugdige leeftijd”
Jaartal: tussen 1924 en 1928
Collectie: Publieke domein
Fotograaf: Onbekend
Albert Mol was een wegbereider voor maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit door zijn zichtbaarheid als de eerste openlijk homoseksuele televisiepersoonlijkheid. Als acteur en cabaretier leefde Mol voor het podium.
Biografie
Auteur: Agnes Cremers
Talent
Albert Mol werd in 1917 geboren in het Tehuis voor Gevallen Vrouwen in Amsterdam. Zijn moeder, zelf als ‘onwettig kind’ ter wereld gekomen, bleef ongehuwd. Ze moest hard werken voor de kost en Mol werd mede opgevoed door een vriendin van zijn moeder. Een moeilijke start, maar zijn moeder zag al vroeg zijn talent als acteur.
Na een mislukte poging om op de Toneelacademie te komen, belandde Mol via acteur Paul Huf in de theaterwereld. Huf nam hem op in zijn gezin en hielp hem aan zijn eerste rolletjes. In Amsterdam was hij te vinden in de vroege homocafés, zoals café ’t Mandje aan de Zeedijk. In café Reinders aan het Rembrandtplein ontmoette hij Wim Sonneveld, het begin van een hechte vriendschap: ‘Een beeld van een jongen met prachtige, heel lichtblauwe ogen.’
Wat zien ik?!
Eind jaren dertig volgde Mol een balletopleiding en kwam zo in Parijs terecht. Hier ontmoette hij een van zijn eerste liefdes, fotograaf Faan Nijhoff, met wie hij enkele jaren samen zou zijn. Terug in zijn geboortestad werd Nederland bezet. Tijdens de oorlog tekende hij bij de Duitse Kultuurkamer, een door de nazi’s opgerichte organisatie die kunstenaars en cultuurwerkers registreerde en controleerde, om aan de kost te komen. Na de oorlog mocht hij daarom een tijd niet optreden. Maar Sonneveld betrok hem bij zijn cabaretgezelschap en hielp hem zo aan werk.
Als danser trok hij door Europa. Hij trad op in Praag, Wenen en zelfs in La Scala in Milaan. In een interview werd hem gevraagd of hij nog zou terugkomen naar Nederland. Hij reageerde: ‘Voorlopig niet denk ik, maar als ik terugkom, zal ik alleen met Wim Sonneveld willen werken.’
Maar het was niet alleen Wim Sonneveld met wie hij samenwerkte. Hij kreeg ook zijn eerste filmrollen in onder meer Bert Haanstra’s Fanfare (1958) en De Zaak M.P (1960). Hij deelde het scherm met acteurs Ko van Dijk en de toen nog beginnende artiest Ramses Shaffy.
Mol was niet alleen acteur. In 1965 publiceerde hij zijn boek Wat zien ik?! over Blonde Greet, een Amsterdamse prostituee. Met veel humor en warmte schetste hij haar leven op de Wallen. Het boek werd een succes en werd in 1971 verfilmd door Paul Verhoeven. In 1976 volgde onder meer zijn autobiografie ‘Mengele broek en pintje billen’, waarin hij over zijn leven en de Amsterdamse culturele scene van de jaren zestig en zeventig schreef.
Uit de kast
Zijn grootste bekendheid verwierf Mol vanaf de jaren zeventig met AVRO’s quizshow ‘Wie van de Drie’, waar hij de onbetwiste entertainer was. Kort daarvoor, in 1969, was hij op nationale televisie uit de kast gekomen tijdens een interview met Koos Postema. Een baanbrekend moment in de homo-emancipatie. Toen Postema hem vroeg of hij homo was, keek Mol in de camera: ‘Als u belooft om het niet verder te vertellen: ja!’
Hoewel Mol een populaire artiest was werd hem nog weleens een te flamboyante stijl verweten. Ook vanuit de lhbt-gemeenschap werd soms op hem neergekeken, omdat hij volgens sommigen te veel voldeed aan stereotype beelden van homoseksuele mannen. Tegelijkertijd werd hij toch ook als rolmodel gezien, zoals de lesbische dichter en schrijfster Sjuul Deckwitz schreef, zelf nog zoekend naar ‘de lach’:
‘En daar was ineens voor mij Albert Mol (…) De eigen persoon in maling nemen, tegen zichzelf in lachen (…) En hij was homo en kwam er rond voor uit. Wat snakte ik ernaar om er ook rond voor uit te komen en daarna de mensen te laten gillen van het lachen.’
In 1977 nam Mol deel aan een protestactie. Samen met vele collega’s, onder wie Pia Beck, Manfred Langer, Robert Long en Zangeres Zonder Naam, trad hij op tijdens een benefietconcert in het Concertgebouw in Amsterdam, Het was als actie ‘tegen de heksenjacht op homo’s in Amerika’. In 1980 werd het concert op elpee uitgebracht.
Huwelijk
Wat lang niet veel mensen weten, is dat Albert Mol ook kort getrouwd was met een vrouw: danseres Lucie Bor, die hij ontmoette tijdens haar balletauditie in Carré in de jaren veertig. Samen kregen ze een dochter, Kika Mol. Zijn grote liefde vond hij later in de Amerikaan Guerdon Bill. In 1998 werd het voor het eerst mogelijk voor paren van gelijk geslacht om een geregistreerd partnerschap aan te gaan, iets wat Mol en Bill meteen deden. Na de plechtigheid werd Mol geëerd met ‘de Gouden Driehoek’, een door Manfred Langer ingestelde prijs voor mensen die zich verdienstelijk hadden gemaakt voor de homo-emancipatie.
In de jaren negentig beleefde Mol nog een gouden televisiemoment in het satirische programma 30 Minuten van Arjan Ederveen. Hij kreeg veel lof voor zijn rol als bedlegerige oude moeder. Ook was hij nog actief als columnist voor de Gaykrant. Nog vlak voor zijn overlijden werd Mol gevraagd of van Wat zien ik? een musical mocht worden gemaakt. Hij vond het een eer, maar maakte de succesvolle voorstelling niet meer mee.
Icoon
Zijn laatste jaren gingen gepaard met een slechte gezondheid en veel ziekteperiodes en hij trok zich terug in zijn huis in het Gelderse Laren. Toen in die periode nog een documentaire over hem werd gemaakt, had hij het moeilijk met terugkijken op zijn bijzondere leven: ‘Het is net alsof je met de tram op het eindpunt bent en dan weer terug moet, dat heeft geen zin.’ In 2003 verloor Mol zijn geliefde Guerdon Bill, om zelf enkele maanden later te overlijden op 87-jarige leeftijd.
Dat Mol een gevierd artiest was, staat buiten kijf. Er staan maar liefst twee standbeelden van ‘Malle Appie’ zoals hij ook wel werd genoemd: één in Giethoorn en één in zijn laatste woonplaats Laren. Toch werd hij niet altijd door de queergemeenschap op handen gedragen. Om daar verandering in te brengen, maakte Daniel Cohen in 2023 de voorstelling ‘De Mol en de Paradijsvogel’, waarin het leven van Albert Mol centraal stond. Volgens Cohen was het meer dan terecht dat er een voorstelling over de veelzijdige artiest kwam: ‘Albert Mol had een gay icoon moeten zijn.’
Literatuur en bronnen
‘De grote dag voor Albert Mol‘, Algemeen Dagblad, 17-03-1998.
‘Daniel Cohen over de mol en de paradijsvogel: “Albert Mol had een gay icoon moeten wezen,‘ Jaap Bartelds. Winq, 2023.
‘Malle Appie werd hoe ouder hoe beter,’ Hein Janssen,Volkskrant, 2004.
‘Albert Mol‘, Schatkamer – Beeld & Geluid.